Deze week werd de Packaging en Packaging Waste Regulation (PPWR) gepubliceerd in het officiële Publicatieblad van de Europese Unie. Deze verordening heeft impact op alle bedrijfsactiviteiten: van productie tot productverkoop, inclusief het ontwerp van verpakkingen. Waar moeten ondernemingen rekening mee houden? Vijf inzichten van Olivier Van Volden, senior policy advisor packaging bij essenscia.
Wat is het doel van deze wetgeving?
Deze verordening heeft de ambitie om de verpakkingsnormen op nationaal en Europees niveau te harmoniseren, om verpakkingsafval zoveel mogelijk te beperken en het hergebruik en de circulariteit van verpakkingsmaterialen te bevorderen. De verordening treedt over 18 maanden in werking, maar er wordt al gewerkt aan de gedelegeerde handelingen.
Op welke bedrijven heeft deze verordening een impact?
In feite zal elk bedrijf met deze nieuwe regelgeving in aanraking komen, want vrijwel alle ondernemingen gebruiken verpakkingen in hun bedrijfsactiviteiten. De impact beperkt zich dus niet enkel tot de verpakkingsproducenten maar is er voor alle sectoren die door essenscia vertegenwoordigd worden.
Houdt de wetgeving voldoende rekening met de vereisten voor industrieel gebruik?
Helaas heeft de wetgever onvoldoende aandacht besteed aan de specifieke behoeften van de industrie en zijn er algemene regels opgesteld die vergelijkbaar zijn met de regels voor huishoudelijke verpakkingen. Terwijl er uiteraard belangrijke verschillen zijn tussen huishoudelijke en industriële verpakkingen. essenscia zal de bevoegde autoriteiten en de Europese Commissie blijven informeren over de specificiteit van verpakkingen voor industrieel gebruik en over de cruciale rol van kunststoffen in alle soorten verpakkingen. Het is belangrijk dat hiermee rekening wordt gehouden bij de verdere implementatie.
Waarmee moeten bedrijven rekening houden bij hun industriële activiteiten?
Naast de conformiteit van de verpakking zullen bedrijven die verpakkingen gebruiken ook aandacht moeten besteden aan de verplichting tot hergebruik. Ten eerste is er de verplichting tot 100% hergebruik voor verpakkingen binnen de grenzen van één lidstaat, of voor verpakkingen die worden uitgewisseld tussen bedrijfslocaties. Daarnaast geldt een verplichting van 40% hergebruik in 2030, met als doel een stijging tot 70% in 2040, voor transportverpakkingen tussen de EU-lidstaten.
Dit systeem lijkt in de praktijk moeilijk werkbaar omdat het betrekking heeft op alle verpakkingselementen: paletten, folies, spanbanden, big bags, IBC-containers, octabins, enzovoort. Tenzij ze uitsluitend van karton zijn gemaakt. Om een vrijstelling te rechtvaardigen is het dus van belang om industriële activiteiten zo nauwkeurig mogelijk te omschrijven, vanuit economisch en ecologisch oogpunt.
Waarmee moet rekening worden gehouden bij de productie van verpakkingscomponenten, de uiteindelijke verpakking die op de markt wordt gebracht en het gebruik van de verpakking?
Alle verpakkingen, al dan niet herbruikbaar en gemaakt van om het even welk materiaal, zullen worden onderworpen aan een reeks ontwerpvereisten. Die hebben betrekking op de mate van recycleerbaarheid, de aanwezigheid van problematische stoffen (zowel in de materialen als voor recycling), de hoeveelheid gerecycleerde (kunststof)materialen, enzovoort. De wetgeving voorziet ook beperkingen voor het op de markt brengen van eenmalige verpakkingen, zonder rechtvaardiging van deze restrictie. Herbruikbare verpakkingen moeten ook circuleren in traceerbare hergebruikssystemen, wat vragen oproept over de goedwerkende bestaande regelingen voor hergebruik in de industrie. Er ligt de komende maanden dus veel werk op de plank om dit allemaal uit te klaren voor de chemie-, kunststoffen- en farmasector.
Meer weten? Contacteer Olivier Van Volden, Senior Policy Advisor Packaging: ovanvolden@essenscia.be
