You need to upgrade your Flash Player

Internationale handel

Naar meer openheid maar zonder de Europese handelsdefensieve instrumenten af te zwakken

De chemische industrie en de life sciences zijn sterk export georiënteerd. Daarom hebben onze bedrijven veel te winnen bij een betere toegang tot buitenlandse markten. Het is dus essentieel dat de multilaterale onderhandelingen van Doha, gestart in 2001, leiden tot een ambitieus akkoord. De handel moet geliberaliseerd worden maar moet ook eerlijk zijn. Het is bijgevolg absoluut noodzakelijk dat de Europese Unie doeltreffende en voor de ondernemingen toegankelijke defensieve instrumenten in stand houdt.

Context

In november 2001 werd een nieuwe onderhandelingsronde op gang gebracht in het kader van de Wereldhandelsorganisatie WHO. De agenda van deze ronde, de Doha Development Agenda, was zeer ambitieus qua onderhandelingsonderwerpen (markttoegang voor landbouwproducten, voor industriële goederen, vereenvoudiging en harmonisering van de douaneprocedures, directe buitenlandse investeringen, …) en timing (de onderhandelingen moesten ten laatste op 1 januari 2005 afgerond zijn).

De deadlines voorzien door de Doha Development Agenda werden niet gehaald. De onderhandelingen liepen vast. Na meer dan 6 maanden schorsing zijn de werkzaamheden officieel in februari 2007 opnieuw begonnen maar een akkoord is nog niet in zicht want er bestaan nog talrijke strijdpunten tussen de belangrijkste leden van de WHO (VS, EU, Japan, India, Brazilië) o.a. m.b.t. landbouw en markttoegang voor industriële producten.

Overigens heeft de Europese commissaris voor handel Peter Mandelson een ruime consultatie gelanceerd rond de handelsdefensieve instrumenten (antidumping, antisubsidie en vrijwaringmaatregelen). Deze instrumenten verhelpen oneerlijke handelspraktijken waarmee bedrijven uit de Europese Unie kunnen geconfronteerd worden. Een Groenboek werd in december 2006 gepubliceerd en alle betrokken partijen worden uitgenodigd om de vragenlijst over de toekomst van de handelsdefensieve instrumenten te beantwoorden. Na analyse van de verkregen antwoorden zal de Europese Commissie in het najaar voorstellen doen.

Belang voor de chemische sector en de life sciences

Gemiddeld is 80% van de productie van de chemische industrie en life sciences bestemd voor de uitvoer. In 2006 bedroeg de totale uitvoer van onze sector 91,6 miljard EUR en de invoer 76,5 miljard EUR. Gezien deze grote openheidsgraad valt het niet te ontkennen dat een betere toegang tot de buitenlandse markten, vooral van de opkomende economieën, door een vermindering van de invoertarieven en door de afschaffing van niet-tarifaire belemmeringen, een positieve invloed zal hebben op onze bedrijven. Maar wij kunnen daar enkel volledig van genieten op voorwaarde dat de concurrentie eerlijk is. Het is dus absoluut noodzakelijk dat de Europese Unie doeltreffende en toegankelijke handelsdefensieve instrumenten in stand houdt.

Standpunt van de sector

De markttoegang voor niet-landbouw producten is een prioriteit voor de Belgische chemische industrie. We vragen tegen 2010 een afschaffing van alle douanetarieven op chemische producten in alle WHO-lidstaten die beschikken over een levensvatbare chemische industrie. Bovendien pleiten we voor een vermindering of zelfs een afschaffing van de douanetarieven in bepaalde subsectoren, en dit vóór het einde van de ronde. De afschaffing van alle bestaande niet-tarifaire belemmeringen, het voorkomen van nieuwe belemmeringen, de handelsvereenvoudiging (vereenvoudiging, harmonisatie en automatisering van de douaneprocedures) en het regime voor directe buitenlandse investeringen blijven belangrijke prioriteiten. Essenscia blijft ook van nabij toezien op de bescherming van de intellectuele eigendom, en blijft de namaak van merkartikelen en parallelle invoer bestrijden.

Wat de handelsdefensieve instrumenten betreft heeft de Europese Unie al het meest liberale systeem ter wereld door de toepassing van standaards die verder gaan dan de eisen van de WHO. Het afzwakken van het huidige systeem is onaanvaardbaar. Niettemin kunnen verscheidene aspecten van het huidige systeem verbeterd worden om zijn transparantie en zijn doeltreffendheid te verhogen, om meer blijk van strengheid te geven in geval van fraude/ontwijken en om complete afhankelijkheid van politieke beschouwingen te bereiken.

Aanbevelingen

De chemische industrie blijft het multilaterale onderhandelingsysteem ondersteunen en pleit voor de afsluiting van de Doha-ronde. Niettemin mogen de onderhandelingen niet slagen tegen om het even welke prijs. De onderhandelingen moeten inderdaad leiden tot een effectief verbeterde en daadwerkelijke markttoegang tot zowel de andere OESO-lidstaten als de opkomende economieën. Geïndustrialiseerde landen zowel als opkomende economieën moeten ambitieuze verbintenissen nemen om hun douanetarieven op de chemische producten sterk te verlagen en de niet-tarifaire belemmeringen af te schaffen.

Methodologische aanpassingen kunnen de werking van de Europese handelsdefensieve instrumenten verbeteren. De fundamentele principes van het Europese systeem hoeven in geen geval veranderd te worden want dit systeem is evenwichtig en de onderhandelingen in het kader van de WHO hebben nog geen overeenkomst terzake opgeleverd.

Contact :
Laurence Baudesson, lbaudesson@essenscia.be, tel. 02 238 97 53

PrintTop